Marktverwachtingen

Update van 12 november 2021

Verklaring met betrekking tot risico

Omdat we hoofdzakelijk actief zijn als bank-verzekeraar en vermogensbeheerder, zijn we blootgesteld aan een aantal typische risico’s voor de financiële sectoren, zoals – maar zeker niet uitsluitend – kredietrisico, tegenpartijrisico, concentratierisico, interestrisico, muntrisico, marktrisico, liquiditeits- en financieringsrisico, risico van aangegane verzekeringsverplichtingen, wijzigingen in de regelgeving, operationeel risico, betwistingen van klanten, concurrentie van andere en nieuwe spelers en de economie in het algemeen. Hoewel KBC al die risico's nauwlettend opvolgt en beheert binnen een strikt risicokader, kunnen ze toch een negatieve invloed hebben op de waarde van activa of bijkomende kosten genereren boven de verwachte niveaus.

Momenteel wordt een aantal factoren als de belangrijkste uitdagingen beschouwd voor de financiële sector. Die hebben vooral te maken met de impact van de coronacrisis op de wereldeconomie, zowel als gevolg van een nieuwe golf van infecties als door tekorten aan de aanbodzijde veroorzaakt door de pandemie en de daarmee samenhangende vrees voor inflatie. Die risico's komen boven op de risico's die verband houden met macro-economische en politieke ontwikkelingen, die gevolgen hebben voor de mondiale en Europese economieën, waaronder de thuismarkten van KBC. De onzekerheid over de regelgeving en compliancerisico's (onder meer met betrekking tot de kapitaalvereisten, de antiwitwasregelgeving en GDPR) blijven een overheersend thema in de sector, evenals een betere bescherming van de consument. Digitalisering (met technologie als katalysator) biedt zowel kansen als bedreigingen voor het bedrijfsmodel van traditionele financiële instellingen, terwijl klimaatgerelateerde risico’s hand over hand toenemen, zoals blijkt uit de overstromingen van afgelopen zomer in West-Europa, waaronder ook in België. Ten slotte is het cyberrisico de voorbije jaren een belangrijke bedreiging geworden, niet alleen voor de financiële sector, maar voor de economie in haar geheel.

We verstrekken informatie met betrekking tot het risicobeheer in ons jaarverslag, onze kwartaalverslagen en risk reports, die allemaal beschikbaar zijn op www.kbc.com.

Onze kijk op economische groei 

Net zoals in het tweede kwartaal was de kwartaalgroei in de VS en de eurozone in het derde kwartaal opnieuw positief, ondanks een groeivertraging in de VS. De economie van de eurozone groeide in het derde kwartaal met hetzelfde percentage als in het tweede kwartaal (2,2%). De Europese economische activiteit zal tegen eind 2021 waarschijnlijk opnieuw het niveau van vóór de pandemie bereiken. Onze groeivooruitzichten voor de thuismarkten van KBC liggen grotendeels in lijn met onze vooruitzichten voor de eurozone. We schatten met andere woorden dat de kwartaalgroei in het derde kwartaal weer positief was en boven het potentiële groeitempo op lange termijn lag. Volgens de op dit ogenblik beschikbare bbp-gegevens is de economische groei in het derde kwartaal in België toegenomen tot 1,8% (in vergelijking met 1,7% in het tweede kwartaal), en ook in Tsjechië is de groei opgelopen tot 1,4% (in vergelijking met 1,0% in het tweede kwartaal). De voornaamste risico's voor onze groeivooruitzichten op korte termijn zijn onder meer langer dan verwachte bottlenecks aan de aanbodzijde, langer aanhoudende hoge energieprijzen en een negatieve loon-prijsspiraal indien de stijgende inflatieverwachtingen zich in het loonvormingsproces vertalen.

Onze kijk op rentevoeten en wisselkoersen

De Fed besliste zijn obligatieaankoopprogramma vanaf november 2021 af te bouwen (‘tapering’). De eerste renteverhoging door de Fed zal waarschijnlijk in 2022 plaatsvinden, nadat die tapering is afgerond. Dat scenario is consistent met de eigen forward guidance van de Fed, de over het algemeen gunstige ontwikkeling van de Amerikaanse arbeidsmarkt en de sterke inflatiedynamiek van dit moment. 

Zowel de Amerikaanse als de Duitse 10-jaarsrente daalde aan het begin van het derde kwartaal, maar bereikte daarna een dieptepunt en begon weer te stijgen tot een niveau dat momenteel iets hoger ligt dan aan het begin van het derde kwartaal (vooral in de VS). Wij verwachten dat de opwaartse trend in het vierde kwartaal van 2021 en begin 2022 zal aanhouden, vooral als gevolg van de hogere inflatieverwachtingen en de marktverwachting dat de Fed zijn (rente)beleid vroeger zou kunnen verstrakken. Voor de Duitse rente speelt de correlatie met de Amerikaanse rente een rol, evenals het naderende einde van het PEPP van de ECB (naar verwachting in maart 2022), met meer duidelijkheid over welk programma daarna komt en mogelijk concretere communicatie over het rentebeleid van de ECB. Doordat de ECB ruim voldoende liquiditeit blijft verschaffen en de beleidsrente laag blijft, verwachten we dat de spreads op overheidsobligaties binnen de EMU grosso modo op hun huidige lage niveau zullen blijven.

Om de hoge inflatie weer binnen de symmetrische tolerantiemarge rond de inflatiedoelstelling van 2% te brengen, is de Tsjechische Nationale Bank (CNB) eind juni begonnen met het verhogen van haar beleidsrente, gevolgd door nog een renteverhoging begin augustus (telkens met 25 basispunten). De aanhoudende inflatiedruk bracht de CNB ertoe de rente steviger op te trekken, namelijk met 75 basispunten eind september en met 125 basispunten begin november, tot het huidige niveau van 2,75%. Op basis van de communicatie van de CNB verwachten we dat haar verkrappingscyclus nog niet afgerond is. Ook de Nationale Bank van Hongarije (NBH) is eind juni begonnen met een verkrappingscyclus, vermits de inflatie ver boven de NBH-doelstelling was gestegen. In juli en augustus verhoogde ze haar basisrente opnieuw, telkens meer-dan-verwacht met 30 basispunten. Dat werd gevolgd door meer gematigde stappen van 15 basispunten in september en oktober, waardoor de basisrente momenteel op 1,80% staat. We verwachten dat de verkrappingscyclus van de NBH ten minste tot begin 2022 zal duren. 

Wat de wisselkoersen betreft, was het derde kwartaal een volatiele periode voor de Tsjechische kroon. Die apprecieerde in november  licht ten opzichte van de euro na de sterker dan verwachte renteverhoging door de CNB.  We verwachten dat de kroon geleidelijk verder zal appreciëren ten opzichte van de euro, voornamelijk als gevolg van het renteverschil met de eurozone. De Hongaarse forint was in het derde kwartaal nog volatieler dan de Tsjechische kroon en daalde per saldo in waarde ten opzichte van de euro. We verwachten dat de Hongaarse forint in het vierde kwartaal grosso modo stabiel zal blijven rond het huidige niveau. Na een mogelijke tijdelijke appreciatie in het eerste kwartaal van 2022 als gevolg van het renteverschil met de eurozone, zal de forint waarschijnlijk weer geleidelijk depreciëren ten opzichte van de euro als gevolg van de inflatieverschillen.

Voor gedetailleerde analyses en gegevens, zie KBC Economics.

Disclaimer:
verwachtingen, prognoses en verklaringen over toekomstige ontwikkelingen zijn gebaseerd op veronderstellingen en nschattingen die gemaakt zijn bij het opmaken van de tekst. Toekomstgerichte verklaringen zijn per definitie onzeker. Diverse factoren kunnen ertoe leiden dat de uiteindelijke resultaten en ontwikkelingen afwijken van de initiële verklaringen. KBC verplicht er zich niet toe om de tekst te updaten bij nieuwe ontwikkelingen.

 

 

KBC gebruikt cookies om je surfervaring aangenamer te maken. Zo kan KBC ook beter inspelen op je behoeften en voorkeuren. Door verder te surfen ga je akkoord met het gebruik van deze cookies. Meer info? Of wil je geen cookies? Klik hier.