België

België

Economische Vooruitzichten België 

2023 eindigt positief

Volgens de voorlopige flashraming groeide het Belgische reële bbp in het laatste kwartaal van 2023 met 0,4% tegenover het vorige kwartaal. Het cijfer verraste positief, aangezien wij hadden gerekend op slechts een groei van 0,2%. De positieve verrassing illustreert de aanhoudende veerkracht van de Belgische economie. Net als in de vorige twee kwartalen was de groei van de economische activiteit in het vierde kwartaal hoger dan die in de eurozone (0,0%). Dankzij het beter dan verwachte vierdekwartaalcijfer was ook de Belgische groei voor het volledige jaar 2023 met 1,5% wat beter dan verwacht, wat driemaal hoger is dan de jaargroei in de eurozone (0,5%). Opmerkelijk is dat België een van de weinige Europese landen is die sinds begin 2022 geen enkel negatief kwartaalgroeicijfer optekenden. Vanuit een iets langer perspectief lag de economische activiteit in België eind 2023 5,5% boven het niveau van vóór de pandemie (Q4 2019), vergeleken met slechts 3,0% in de eurozone.

Omdat er nog geen componentgegevens beschikbaar zijn, hebben we geen details over de drijvende krachten achter de Belgische bbp-groei in Q4. In de berichtgeving door het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) werden wel cijfers meegegeven over de toegevoegde waarde (tegen constante prijzen) in de drie belangrijkste sectoren. Zowel de bouwsector als de dienstensector bleven in het laatste kwartaal van 2023 een positieve groei optekenen van respectievelijk 1,0% en 0,7%. In de verwerkende nijverheid daalde de toegevoegde waarde opnieuw, dit keer met 0,6% (zie figuur BE1). Dit bracht de jaargroei in de drie sectoren voor heel 2023 op 1,9% in de bouw, 2,6% in de diensten en -3,1% in de verwerkende nijverheid. 

Industriële recessie

Ondanks de algemene veerkracht van de economie belandde de industriële activiteit in België in 2023 in recessie. De industriële zwakte blijft duidelijk zichtbaar in verschillende zowel harde als zachte indicatoren. Zo vertoonde de beoordeling van de uitvoerbestellingen in de verwerkende nijverheid in januari nog altijd een neerwaartse trend, terwijl de bezettingsgraad in de sector op een historisch laag niveau staat. Opmerkelijk is dat verschillende indicatoren, waaronder de twee genoemde, een niveau bereikten dat het dieptepunt in het pandemiejaar 2020 benadert (zie figuur BE2). Volgens cijfers inzake industriële productie daalde de activiteit in 2023 vooral sterk in de sectoren farma, chemie en textiel. De scherpe daling van de toegevoegde waarde (tegen constante prijzen) in de verwerkende nijverheid voor het volledige jaar 2023 (-3,1%) volgde op een eerder zwakke positieve groei in 2022 (0,7%) en 2021 (2,5%) en was slechts beperkt lager dan de pandemiegerelateerde daling in 2020 (-3,5%).

De sombere industriële omgeving zorgt ervoor dat we hardnekkig vasthouden aan een scenario waarin de bbp-groei op kwartaalbasis zal verzwakken in het huidige en de volgende kwartalen. Het is onwaarschijnlijk dat de buitengewoon sterke expansie van de bedrijfsinvesteringen in 2023 zal aanhouden, terwijl de zwakte van de woninginvesteringen door de huishoudens waarschijnlijk niet (volledig) van de baan is. Meer specifiek blijven we voor het eerste en tweede kwartaal uitgaan van een groei van 0,2%, die daarna weer aantrekt tot 0,3% in het derde en vierde kwartaal in lijn met ons scenario voor de eurozone. Ondanks het ongewijzigde kwartaalgroeipad is de voorspelde jaarlijkse groei van het Belgische reële bbp in 2024 met 0,2 procentpunt opgetrokken tot 1,1%, volledig toe te schrijven aan een hoger overloopeffect als gevolg van de hoger dan verwachte groei in het vierde kwartaal van 2023. Voor 2025 blijven we uitgaan van een Belgische reële bbp-groei van 1,1%.

De Belgische HICP-inflatie steeg in januari tot 1,5% onder impuls van de dynamiek in de energieprijzen, in lijn met de verwachtingen. Het negatieve inflatieverschil met de eurozone bleef hoog, maar nam af tot 1,3 procentpunt. De kerninflatie (exclusief energie en voeding) was met 4,9% in januari slechts beperkt lager dan een maand eerder en ligt nog altijd ruim boven het cijfer voor de eurozone (3,3%). Het goede nieuws is dat de diensteninflatie, die de afgelopen maanden hardnekkig hoog bleef, zeker in vergelijking met de eurozone, nu sterker afnam en uitkwam op 5,1%, komende van 6,1% in december. We hebben ons gemiddeld inflatievooruitzicht voor 2024 en 2025 ongewijzigd gelaten op respectievelijk 3,6% en 2,1%.

Budgettaire verslechtering

Volgens een eerste voorlopige raming van de Federale Overheidsdienst Beleid en Ondersteuning (BOSA) sloot België het begrotingsjaar 2023 af met een overheidstekort dat 6,5 miljard kleiner was dan initieel gepland bij de opmaak van de begroting. Dat was voornamelijk te danken aan een sterker dan verwachte economische groei (de groeiraming van het Planbureau bedroeg destijds bij de begrotingsopmaak namelijk slechts 0,5%). Het slechte nieuws is dat, ondanks de bovengemiddelde groei, het begrotingstekort toch opliep tot -4,6% van het bbp, van -3,5% in 2022. De schuldgraad van de Belgische overheid steeg tot 105,8% van het bbp, van 104,3% in 2022. België vaart daarmee tegen de Europese stroom in, aangezien het tekort en de schuld in de hele eurozone in 2023 daalden tot naar raming respectievelijk -3,2% en 90,6% van het bbp. Bovendien zullen het Belgische tekort en de Belgische schuld in het huidige en de volgende jaren bij ongewijzigd beleid allicht verder verslechteren. Het ziet er dus naar uit dat de (nieuwe) Europese begrotingsregels, die tijdens de crisisjaren werden opgeborgen, België tot een harde meerjarige sanering zullen dwingen. Bovendien zullen de structurele hervormingen moeten worden geïntensiveerd om de budgettaire consolidatie te ondersteunen.

Economische voorspellingen februari 2024

Nationale rekeningen (reële jaarwijziging, in %)

  2023 2024 2025
Particuliere consumptie 1,4 1,2 1,3
Overheidsconsumptie 0,1 1,7 1,5
Investeringen in vaste activa 5,3 3,4 2,2

Bedrijfsinvesteringen

9,0 4,8 2,5

Overheidsinvesteringen

2,6 2,6 2,5

Investeringen in woongebouwen

-5,2 -1,8 0,8
Finale binnenlandse vraag (ongerekend voorraadwijzigingen) 2,0 1,8 1,6
Voorraadwijziging (groeibijdrage) 0,3 0,0 0,0
Uitvoer van goederen en diensten -3,5 -1,6 2,4
Invoer van goederen en diensten -2,6 -0,9 2,9
       
Bruto binnenlands product (bbp) 1,5 1,1 1,1
       
Beschikbaar gezinsinkomen 4,4 1,8 1,4
Bruto-gezinsspaarquote (in % beschikbaar inkomen) 14,7 15,2 14,0

Evenwichtsindicatoren

  2023 2024 2025
Inflatie (gemiddelde jaarwijziging, in %)      

Consumptieprijzen (geharmoniseerde CPI)

2,3 3,6 2,1

Gezondheidsindex (nationale CPI)

4,3 3,0 2,0
       
Arbeidsmarkt      

Werkgelegenheid (jaarwijziging, in 1000, einde jaar)

34,3 40,0 30,0

Werkloosheidsgraad (in % van de beroepsbevolking, einde jaar, Eurostat definitie)

5,7 5,6 5,5
       
Overheidsfinanciën (in % van het bbp bij ongewijzigd beleid)      

Netto-financieringssaldo

-4,6 -4,8 -5,0

Overheidsschuld

105,8 106,0 107,2
       
Saldo lopende rekening (in % van bbp) -0,9 -1,0 -1,0
       
Woningprijzen (gemiddelde jaarwijziging in %, bestaande en nieuwe woningen, Eurostat definitie) 2,0 2,2 2,5

Andere voorspellingen

Wereld

Ierland

Centraal- en Oost-Europa