USD: symbiose van fundamentele en technische analyse
Over de waarde van technische analyse op financiële markten zijn de meningen verdeeld. Een verheven vorm van kaartlezen volgens de ene, naald in het kompas volgens de andere. Ervaring leert ons twee dingen. Om te beginnen is er het aspect van de zelfvervullende voorspelling. Technische aspecten horen bij de totale analyse omdat ze nu eenmaal door een deel van de investment community de onbetwiste waarheid zijn. Daarnaast gebeuren grote technische bewegingen zelden zonder wijziging aan de onderliggende marktnarratief. In die zin werken fundamentele en technische veranderingen versterkend.
De ontketende dollar geldt als voorbeeld. Tegenover een korf van munten van de belangrijkste handelspartners (DXY index) breekt de greenback uit het nauwe, zijwaartse handelskanaal van het voorbije jaar. De breuk boven 100.61 effent vanuit technisch oogpunt het pad voor vervolgwinsten richting 102.86 (50% herstel op USD-daling van jan/25 tot jan/26) en 104.59 (62% herstel op dezelfde beweging). Het spiegelbeeld in EUR/USD is de breuk beneden 1.1392 die technisch in eerste instantie het pad effent richting 1.1111 (50% herstel).
De technische breuken en versnellend dollarmomentum komen er niet zomaar. Twee fundamentele wijzigingen liggen aan de basis. Om te beginnen maakt de Amerikaanse economie een AI-groeispurt mee en doet ze het relatief gezien een pak beter dan andere grote economieën die onder meer door hogere energieprijzen afgeremd worden. De Amerikaanse arbeidsmarkt blaakt opnieuw van gezondheid na vermoeidheid in de tweede jaarhelft van vorig jaar (“no hire, no fire”). Goede economische groei en een sterkere arbeidsmarkt verleggen de marktfocus naar opwaartse inflatierisico’s. Behalve de tarieven- en energieschok verraadt oplopende diensteninflatie dat er meer aan de hand is.
Enter de Amerikaanse centrale bank en de tweede verandering. We draaien de klok een jaar terug. Hogere Amerikaanse risicopremies lagen toen aan de basis van dollarzwakte. Zowel omwille van het onvoorspelbare, protectionistische handelsbeleid als omwille van de openlijke aanvallen aan het adres van de Fed. Met het nakende vertrek van Fed-voorzitter Powell vreesde de markt voor de onafhankelijkheid van de centrale bank. Geloofwaardigheid is en blijft het hoogste goed van een centrale bankier. Bij zijn eerste optreden maakte Kevin Warsh meteen komaf met alle twijfel. Hij leek van bovenaf gezonden met een missie: na vijf jaren van te hoge inflatie, prijsstabiliteit herstellen. De helft van het bestuursorgaan zit al op dezelfde golflengte en zinspeelt op minstens één renteverhoging dit jaar. Voor de wisselmarkt hét signaal om zowel een deel van de Amerikaanse risicopremie opnieuw af te bouwen als mee te surfen op de kortetermijnrentesteun.
En zo rukt de dollar zich los zonder achterom te kijken. Morgen kunnen de PCE-prijsdeflatoren voor de maand mei de these een eerste keer valideren. Consensus verwacht een eerste 4%+ uitkomst voor het hoofdcijfer sinds april 2023. Ook onderliggende kerninflatie stijgt naar verwachting verder weg van de 2%-doelstelling (3.4% van 3.3%). Omdat Warsh minder inmenging wil van Fed-leden in het vormen van een verwachtingspatroon (via publieke optredens), wint het belang van de onmiddellijke marktreactie aan kracht. Voorlopig schat de Amerikaanse geldmarkt de kans op een renteverhoging op de volgende vergadering in juli in op 35%. Voor september is dat al bijna 90%.
Handelsgewogen dollar (DXY) breekt uit handelskanaal