BoE voorzitter Bailey kiest partij.
In tegenstelling tot Fed-voorzitter Warsh woensdag, hield de Bank of England (BoE) van voorzitter Bailey zich gisteren grotendeels aan het verwachte script. De BoE hield de beleidsrente op 3.75%. Zoals bij de Fed, is er ook in de BoE wat familieonenigheid. Drie van de negen raadsleden wilden de rente al (preventief) verhogen. Dat was er zelfs één meer dan in juni. Toch is dat geen voorbode van een verhoogde kans op renteverhoging. De ‘duiven’ binnen het comité houden, met de zegen van Bailey, de overhand.
Ook de Bank Of England moet vertrekken van de vaststelling dat de capriolen i.v.m het conflict in het Midden Oosten een inschatting van zowel de Britse groei als de inflatierisico’s hoogst onzeker maken. Ook zij probeert orde in die chaos te scheppen via de analyse van verschillende scenario’s. In het basisscenario, verwacht de BoE dat inflatie van 2.6% in juni later dit jaar terug aantrekt tot 3.2% (okt/nov) om dan weer geleidelijk af te koelen. Dat is natuurlijk boven de 2.0% doelstelling. Maar. De BoE geeft aan dat ze op zich niet veel kan doen tegen hogere energieprijzen. Ze moet wel optreden wanneer dit leidt tot tweede-ronde-effecten, onder meer in de loonvorming. Hoe langer energieprijzen hoog blijven hoe hoger dit risico wordt, maar op dit ogenblik ziet de BoE hiervoor weinig aanwijzingen. In tegendeel, recent waren er tekenen van desinflatie. Een relatief zwakke groei en soepelere condities op de arbeidsmarkt kunnen die desinflatie zelfs bestendigen. Conclusie: een beleidsrente van 3.75% moet volstaan. Er wordt overigens ook meestal aangenomen dat dit niveau waarschijnlijk iets boven neutraal is. Op de persconferentie was voorzitter Bailey zelfs opvallend expliciet. Ondanks meer stemmen voor een verhoging, maande hij de toehoorders aan om niet te concluderen dat de Bank nu korter bij een verhoging staat. De ‘pater familias’ kiest hier duidelijk partij in de familiediscussie.
Ook de mark begreep natuurlijk welke kant best te kiezen. De Britse rentecurve werd fors steiler (2-j -11 bp; 30-j 1.7%). Geldmarkten duwden ook de verwachting over de timing van een (eventuele?) BoE renteverhoging verder naar de toekomst. Ze verdisconteert nu een kans van slechts 30% op een 25 bpn verhoging in september. Pas voor december is (iets meer dan) een volledige stap ingeprijsd. Het pond moet dus niet onmiddellijk rentesteun verwachten, ook niet in relatieve termen, vergeleken met wat is verdisconteerd voor de ECB.
Na een comeback in de periode midden-juni tot midden juli, was het pond recent aan correctie toe. EUR/GBP klom terug van 0.8455 midden deze maand tot de 0.855 zone nu. Ondanks de softe boodschap van de BoE en lagere rentes, verstevigde sterling gisteren marginaal, maar die beweging was waarschijnlijk vooral schatplichtig aan een (tijdelijk?) beter algemeen risicosentiment. Zolang de onzekerheid over het conflict in het Midden-Oosten aanhoudt, annex hoge energieprijzen, is dat, gezien de eerder terughoudende inflatie-aanpak van de BoE, waarschijnlijk niet in het voordeel van het pond. Ook het debat over een geloofwaardige begroting van de regering Burnham kan na de vakantie voor bijkomende nervositeit zorgen. De zone EUR/GBP 0.86 (bodem vorige driehoeksformatie, zie grafiek) blijft het eerstvolgend ijkpunt op de technische grafieken.
EUR/GBP: pond in correctie-modus. BoE levert voorlopig geen steun.