USD/JPY nadert opnieuw cruciale 160-zone
Japans Ministerie van Financiën tastte eind april al diep in de buidel
Het is weer zover. Het kat-en-muisspel tussen de Japanse autoriteiten en de markt nadert opnieuw een niveau waarvan velen denken dat er ‘iets moet gebeuren’ ter ondersteuning van de yen. USD/JPY koersen boven de kaap van 160 waren op 30 april het sein voor het Japans Ministerie van Financiën (MOF), verantwoordelijk voor het wisselkoersbeleid, om de yen een reddingsboei toe te gooien. Aan USD/JPY 159.75 houden yen-handelaren de vingers aan de knoppen. Minister van Financiën Katayama herhaalt voor iedereen die het horen wil dat het MOF klaar staat. Geen onbelangrijk detail, ze staan in nauw contact met Washington om de strategie te overleggen.
De oorzaken van de zwakke yen zijn bekend. Op korte termijn leidt ook de energie-gevoelige Japanse economie onder de stijgende kosten als gevolg van het conflict in het Midden-Oosten. De dollar, ondertussen min of meer een oliemunt, heeft wat dat betreft weer even het voordeel van de twijfel. Naast de onmiddellijke gevolgen van de Iran-crisis kampt Japan ook met een aantal structurele problemen die de yen niet helpen. De risicopremies voor het land (onder meer zichtbaar in de rentes op ultralange obligaties) lopen al meer dan 3 jaar gestaag en stevig op. Het intentioneel stimulerend fiscaal beleid ondanks de toerenhoge schuldenberg van de regering Takaichi stelt de markt in dit verband niet echt gerust. Tegelijk blijft de Bank of Japan talmen om de ondertussen toch wel structureel hogere inflatie aan te pakken met een doortastende normalisatie van haar beleid. Eindresultaat: de yen bokst op tegen stevige negatieve (korte) reële rentes. Interventies zijn in die context het redmiddel om de negatieve (inflatoire) gevolgen van de zwakke yen af te blokken. Het Japanse MOF definieert het iets eufemistischer: ongewenste volatiliteit intomen en voorkomen dat de yen nog verder afwijkt van zijn fundamenteel economische waardering. Zeker wat dat laatste betreft zou je natuurlijk ook het fiscaal of monetair beleid kunnen bijsturen, maar voorlopig ligt de focus toch vooral op ‘symptoombestrijding’ via interventies. Het MOF maakte vrijdag bekend dat tussen eind april en eind mei niet minder dan 11.730 mld yen ($73.5 mld) kocht om de munt te ondersteunen. Dat is historisch zeer hoog in vergelijking met vroegere interventies. Het was blijkbaar genoeg om een maand tijd te kopen.
Zoals vermeld, houdt Japan nauw contact met de VS. Voorlopig zijn er geen indicaties van ‘gecoördineerde’ interventies. Toch kijkt de VS met meer dan gemiddelde aandacht mee over de schouder. Dit is niet enkel ‘morele steun’ voor Japan maar heeft een stevig randje Amerikaans eigenbelang. De VS heeft ook liever een iets zwakkere dollar/sterkere yen, maar die interventies hebben een keerzijde. Om de USD voor die interventies vrij te kunnen maken (USD verkopen/yen kopen) moet Japan Amerikaanse obligaties verkopen waarin de USD-reserves belegd waren. Die verkoop van Treasuries kan een bijkomende factor zijn voor hoge/hogere Amerikaanse rentes, iets wat de regering Trump niet graag ziet gebeuren. Volgende week krijgen we data over welke activa Japan verkocht. In deze context zal er zeker ook druk zijn van de VS op Japan/de BOJ om toch ook de rente best maar wat verder te verhogen op de beleidsvergadering van 16 juni. Een verhoging met 25 bpn gaat het probleem van de negatieve reële JPY-rente niet wegwerken, maar alle beetjes helpen. Nu is het vooral uitkijken wanneer de zenuwenoorlog tussen de Japanse autoriteiten en de markt nieuwe actie in gang zet. Eind april lag de lijn in het zand in de buurt van USD/JPY 160.7.
USD/JPY: yen opnieuw in de zone van de waarheid