RBA: komt boontje om zijn loontje?
In de aanloop naar beleidsvergaderingen van de Fed, ECB, Bank of England en anderen later deze week, proberen markten meer inzicht te krijgen in hun reactiefunctie nu ze geconfronteerd worden met de hoogst ongemakkelijke energieprijsschok. Markten gaan er alvast vanuit dat de centrale banken een inflatie-ontsporing zoals in 2022/2023 willen voorkomen. Hoe sterk en concreet de actiebereid is, wordt hopelijk later deze week duidelijk(er).
De Reserve Bank of Australia (RBA) is het punt van afwegen van basis- en risicoscenario’s al voorbij. Ze verhoogde de rente voor de tweede keer op rij met 25 bpn tot 4.1%. Het Australische inflatieprobleem dateert al van voor de oorlog in het Midden-Oosten. De economie botst al een tijd tegen haar capaciteitsgrenzen, inclusief een krappe arbeidsmarkt. Er speelt nog iets anders. Noem het een oefening ‘zelfreflectie’. In haar analyse geeft de RBA toe dat ze eigenlijk niet weet of het beleid, gezien de hoge capaciteitsbezetting, wel echt restrictief is. Vrij geïnterpreteerd: misschien beseft de RBA dat ze in de opwaartse rentecyclus (top 4.35%, wat niet hoog is voor Australië) te mild was en later iets te vlot meeging in de versoepelingscyclus. Daar betaalt de RBA nu mogelijk de prijs voor. De inflatiecijfers van na de februaribeslissing (januari 3.8% j/j) waren alvast opnieuw hoger dan verhoopt. De energieprijsschok vergroot nog het risico dat die inflatie langer hoog blijft en dreigt inflatieverwachtingen verder aan te wakkeren. RBA-voorzitster Bullock gaf aan dat hogere olieprijzen op zich niet de aanleiding waren voor de renteverhoging. Ze dreigen het binnenlandse inflatieprobleem wel te bestendigen. Onmiddellijk na de beslissing dachten markten even dat het ging om een ‘dovish hike’. De beslissing kwam er mits een krappe 5-4 stemming. Hierop zei Bullock dat het debat enkel ging over de timing van de volgende rentestap.
In de huidige onzekere context geeft een centrale bank geen concrete aanwijzingen over het toekomstig beleidspad. Op de persconferentie kregen inflatierisico’s wel meer gewicht dan de groeirisico’s. De markt ziet een kans van +/- 60% op een volgende stap in mei, met 90% kans verdisconteerd op een daaropvolgende verhoging omtrent het jaareinde. In dat scenario zou de RBA rente dus (moeten) worden opgetrokken tot boven de post-corona top van 4.35%. Anders gezegd: de markt houdt rekening met een scenario waarbij centrale bankiers die in 2023/2025 te mild waren, daarvoor later een meerprijs betalen. Alle vergelijkingen lopen mank, maar het doet wat denken aan de lotgevallen van de Banco Central do Brasil.
Het vooruitzicht op rentesteun in een context van degelijke groei en ruime beschikbaarheid van grondstoffen en energie waren recent troeven voor de Aussie dollar. Die heeft voorlopig nog nauwelijks last van zijn vroegere gevoeligheid voor risicoaversie. AUD/USD verstevigde boven de kaap van 0.70 (nota bene tegen een sterke dollar) en botst zelfs tegen de sterkste niveaus sinds midden 2022 aan. De (door energie gekwetste) euro kan al helemaal niet volgen. EUR/AUD dook van boven 1.80 in oktober tot EUR/AUD 1.62 nu. Hier is 1.60 de volgende referentie op de grafieken. Er is wel al een stevige portie goed (rente)nieuws verdisconteerd voor de AUD. Toch is er op korte termijn weinig reden om tegen het marktmomentum in te roeien.
EUR/AUD: een wereld van verschil: een gekwetste euro tegen een Aussie dollar in topvorm