Wettelijk kader als laatste horde voor invoering van digitale euro
In oktober 2020 publiceerde de ECB een haalbaarheidsstudie voor de uitgifte van een publieke, digitale, euro. Een volwaardige digitale munt (CBDC) is het digitale equivalent van cash. In tegenstelling tot bijvoorbeeld de private Bitcoin houdt die een rechtstreekse schuldtitel in ten opzichte van de centrale bank. In die zin is ze volledig risicovrij. Het is belangrijk te benadrukken dat de centrale bank de digitale munt enkel ziet als betaalmiddel en niet als spaar-of beleggingsvorm om bancaire desintermediatie niet verder in de hand te werken. Want hoewel de publieke digitale euro net als cash geen rente oplevert, kan hij wel nog steeds concurreren voor het aantrekken van deposito’s omwille van het verschillende, en sterkere, risicoprofiel. Er zou wel een bovengrens komen voor het aanhouden van digitale euro’s.
Van juli 2021 tot oktober 2023 volgde een onderzoeksfase. Daaruit bleek bijvoorbeeld dat een CBDC kan bijdragen tot de garantie van de veiligheid en robuustheid van het betalingssysteem. Ze kan ook de efficiëntie van het binnenlands en internationaal betalingssysteem bevorderen door ten volle gebruik te maken van nieuwe technologie. Als derde belangrijke motivatie kwam financiële stabiliteit in de brede zin naar voren. Het gaat dan vooral om de bescherming van de autonomie en soevereiniteit van het monetair beleid binnen de eigen economie.
In oktober 2025 rondde de ECB dan weer een twee jaar durende voorbereidingsfase voor de retail digitale euro af. e wacht nu op de bepaling van het finale wettelijke kader door de Europese medewetgevers. Vervolgens kan de digitale euro na een pilootfase allicht in 2029 van start gaan. De belangrijkste resterende discussiepunten in het wetgevend proces hebben betrekking op de impact op de financiële stabiliteit en het monetair transmissiemechanisme in de eurozone. Daarnaast zijn er ook nog steeds bezorgdheden over onder meer privacy, over het gevaar van mogelijke beperkingen en sturingen in het gebruik van de digitale euro (de zogenaamde ‘programmeerbaarheid’), en over garanties dat fysieke cash zal blijven bestaan.
De digitale euro zal een belangrijke strategische rol spelen. Hij verzekert het bestaan van een monetair anker voor het financieel systeem. Zo’n monetair anker is om twee redenen belangrijk. Ten eerste vormt cash, samen met de bankreserves bij de ECB, het monetaire basisgeld waarop de ECB haar monetair beleid stoelt. Indien de link tussen ‘privaat’ en ‘publiek’ geld significant verzwakt, heeft dat onvermijdelijk gevolgen voor de greep van de centrale bank op de totale geldhoeveelheid in de economie, en dus op de inflatie. Bovendien zou ‘privaat’ geld zonder praktische inwisselbaarheid naar ‘publiek’ geld eigenlijk op niets meer gebaseerd zijn. De centrale bank zou dan niet meer als ultieme liquiditeitsverschaffer (‘lender of last resort’) kunnen optreden bij eventuele liquiditeitsproblemen. Een ander strategisch argument is de afbouw van Europese afhankelijkheid van financiële infrastructuur onder niet-Europese controle (vb internationale sancties).
De komst van zowel publieke als private digitale munten heeft potentieel ook gevolgen voor het internationaal monetair stelsel. Het is waarschijnlijk dat die munten vroeg of laat zullen concurreren om een dominante rol op de wereldwijde financiële markten. Dat hoeven niet noodzakelijk ‘publieke’ digitale munten te zijn, maar kunnen bijvoorbeeld ook zogenoemde stablecoins uitgedrukt in Amerikaanse dollar zijn. In zo’n omgeving, waarin een niet-Europese digitale munt als de facto betaalmiddel (of zelfs als spaar- of kredietvehikel) in de eurozone zou worden gebruikt, ontstaat er gevaar voor de monetaire soevereiniteit van de ECB. Die kan door de beschikbaarheid van een digitale ‘publieke’ euro worden gevrijwaard. Ten slotte zou de digitale euro op termijn ook de internationale rol van de euro kunnen bevorderen. In eerste instantie zal het wettelijk kader het gebruik van de digitale euro allicht beperken tot ingezetenen van de eurozone. Om in te spelen op verdere geopolitieke ontwikkelingen, kan dat gebruik echter desgewenst worden uitgebreid tot gebruikers buiten de eurozone.