Europese economie beleeft een sterke zomer
De Europese economie laat in augustus voor de tweede maand op rij groei optekenen. Het overkoepelend PMI-bedrijfsvertrouwen strandde op 52.1, boven de grens van 50 die economische expansie van contractie onderscheidt. Het ritme versnelde, weliswaar marginaal, van een al verrassend sterk juli (52). De zomermaanden behoren zo tot een van de beste maanden van de afgelopen jaren. Dat is vooral dankzij de eurozone ex. Frankrijk en Duitsland, waar expansie van de private sector het snelst was sinds april 2022. Het onderzoeksbureau dat de bevraging afneemt zegt dat de eurozone op weg is naar meer dan degelijke kwartaalgroei van 0.3%.
Het is de maakindustrie die in eerste instantie het groeiherstel schraagt. De activiteit klimt er naar het beste peil in 4.5 jaar, van 52.9 vorige maand tot 53.4. De vergelijkbare indicator voor de dienstensector evenaarde juli’s 51.7. Niet de grote stoef maar niettemin een opsteker na de malaise tijdens het afgelopen kwartaal. Het is voorts een pak beter dan wat de afzonderlijke diensten-PMI’s in Frankrijk (48.4, van 49.6) en Duitsland (48.5, van 49.8) deden vermoeden.
Bedrijvigheid in de verwerkende nijverheid komt volgens de onderzoekers mede op conto van anticipatieve productie omwille van de aanhoudende impasse in het Midden-Oosten. Het is analoog aan wat gebeurde vlak nadat het conflict uitbrak begin maart. Dat uit zich opnieuw in een aanzienlijke verlenging van de levertermijnen zodat, ondanks de verhoogde productie, voorraden van zowel grondstoffen als afgewerkte producten krimpen. Dat gezegd zijnde, maakt de sector ook gewag van een groeiende vraag gerelateerd aan AI en defensie (vooral in Duitsland). Buitenlandse orders (die ook de handel tussen landen van de eurozone onderling capteert) stegen voor het eerst in 4.5 jaar. Het stutte het totale orderboekje, dat in omvang matig toenam maar wel aan het snelste tempo in 40 maanden. Die verhoogde activiteit en meer instromend werk vertaalt zich in augustus in de eerste tewerkstellingsgroei van 2026. De dienstensector trekt de kar nog iets meer dan vorige maand. Tegelijk draait de maakindustrie een belangrijke bladzijde om met de eerste, vooralsnog kleine, toename in meer dan drie jaar. Qua prijsdruk, noteren de onderzoekers een verdere afkoeling op aan inputzijde. Globaal genomen blijft die echter hoog en hoger dan voor de oorlog in het Midden-Oosten. Outputinflatie vertraagt eveneens en in de beide sectoren. Duitsland weegt hier zwaar door. In de rest van de eurozone trekt deze door de ECB van dichtbij opgevolgde indicator van consumenteninflatie lichtjes hoger.
Ondanks een sterke maand augustus merkt het onderzoeksbureau een kleine terugval in het vertrouwen voor het komende jaar op. Een opflakkering van het Duits optimisme kon een afbrokkeling van het Europese cijfer naar het laagst in drie maanden enkel temperen.
Het rapport laat amper sporen na op de financiële markten. Daarvoor landde het iets te dicht bij de verwachtingen. De kortetermijn implicaties, bijvoorbeeld voor de ECB, zijn beperkt. De Europese geldmarkt zet onverminderd in op een nieuwe renteverhoging in september. Bovendien spitst de aandacht zich de laatste tijd vooral toe op het lange eind van de globale rentecurves. Op de dollarwisselmarkt neemt de technische handel het vandaag over. EUR/USD doet opnieuw een gooi naar de 1.17(04)-weerstand (50% herstel op de EUR/USD-daling in 2026H1). De volgende referentie situeert zich in de zone tussen 1.1792 (61.8%) en 1.1849 (apriltop). Volgende week speelt een belangrijke rol. Maandag licht de Amerikaanse minister van financiën Bessent de nieuwe economische sancties t.a.v. Iran toe. Vrijdag is het woord aan Fed-voorzitter op het Jackson Hole Symposium. Licht stilzwijger War-shhh eindelijk een tipje van de sluier?
EUR/USD doet opnieuw een gooi naar de 1.1704-weerstand