ECB moet stilaan kleur bekennen
Op 11 juni verhoogt de Europese Centrale Bank de beleidsrente van 2% tot 2.25%. De markt verkent de piste al een hele tijd maar is daar nu helemaal van overtuigd. Na juni zet ze in op vervolgactie in september. Een derde renteverhoging circuleert in het eerste kwartaal van volgend jaar.
Schnabel gooide begin vorige week de knuppel in het hoenderhok tijdens een interview met persagentschap Reuters. Volgens de invloedrijke Duitse ECB-bestuurder - en kandidate om voorzitster Lagarde op te volgen - is het niet langer mogelijk om door de inflatieschok heen te kijken. Daarvoor laat de impact zich al in te veel segmenten buiten energie voelen. De schade aan (olie-)infrastructuur en aanvoerkettingen is ondertussen ook al zo groot dat zelfs een onmiddellijk einde aan de oorlog versnellende inflatie en dus een monetair antwoord niet meer kan en zal verhinderen. Schnabel sprak zich niet uit over het aantal renteverhogingen die uiteindelijk nodig zijn. Ze merkte enkel op dat het basisscenario dat de ECB in maart uit de doeken deed, rekening houdt met de marktverwachtingen van toen, zijnde twee. Dat scenario veronderstelde een kortstondig conflict zonder noemenswaardige uitlopers naar inflatie. Dat we ondertussen naar een alternatief, ongunstig scenario evolueren, met duurdere energie en hogere inflatie, moge duidelijk zijn.
Sinds de toespraak van Schnabel zitten de marktverwachtingen in de lift. Waar ze de kans op een juni-renteverhoging aanvankelijk op ongeveer 75% inschatte, klom dat ondertussen richting 95% of meer. Meerdere ECB-beleidsmakers traden de Duitse sindsdien bij. Onder hen de Belg Wunsch. Volgens de NBB-baas moet de ECB de daad bij het woord voegen. Dat mocht voor hem zelfs al in april. Wunsch waarschuwt dat de ECB niet mag teren op marktverwachtingen. “De markt doet het werk voor ons” is geen excuus om zelf niets te doen. De ECB ondermijnt er haar geloofwaardigheid mee.
Behalve een groeiende cohorte beleidsmakers in Frankfurt, steunen de meest recente inflatiecijfers de casus voor actie. Het Europees prijspeil steeg in mei met 3.2% vergeleken met dezelfde maand vorig jaar. Dat is het snelst sinds september 2023. De PMI-prijsindicatoren van twee weken geleden suggereren een verdere acceleratie richting 4%. De onderliggende maatstaven leggen de bezorgdheden van team Schnabel bloot. Kerninflatie die zuivert voor voeding en energie klom van 2.2% naar 2.5%. Inflatie in de arbeidsintensieve dienstensector liep op tot een eenjarige top van 3.5%. Prijzen van niet-energetische industriële goederen stegen aan een tempo laatst gezien in april 2024. Het is de illustratie van een uitdijende energieschok.
Geen van de ECB-beleidsmakers laat zich betrappen op een indicatie voor wat volgt na juni. Simkus is de spreekwoordelijke uitzondering: een tweede renteverhoging komt er eerder wel dan niet. Dan is er de kwestie van timing. De markt mikt op september i.p.v. een rug-aan-rugtactiek (juni & juli). Nochtans valt daar vanuit een economische logica wel iets voor te zeggen. Voor de ECB is het ook een manier om haar engagement te onderstrepen én een potentieel volatiele, energie-intensieve zomer te overbruggen. Het omslagpunt waarin fysieke tekorten dreigen komt namelijk dagelijks dichter.
Marktverwachtingen voor de ECB-beleidsrente vóór het conflict (blauw) vs vandaag (zwart).