Markt heeft Fed-aanwijzingen niet nodig
De Fed liet gisteren na om een tipje van de sluier op te lichten m.b.t. haar reactiefunctie t.a.v. de om zich heen grijpende energieschok. Jammer. Als gisteren één ding duidelijk werd, is het dat ‘forward guidance’ als beleidsinstrument dood en begraven is. Voorlopig wordt dit geruild voor ongemakkelijk agnosticisme. Het beleidscommuniqué gaf niet meer dan een summiere beschrijving van het recente verleden. De nieuwe voorspellingen schoof voorzitter Powell als quasi-irrelevant opzij. Het hoeft dan niet te verbazen dat de nabespreking in de media niet zozeer ging over het toekomstig Fed-beleid, maar over het persoonlijke traject en de rol die Powell nog wil/kan spelen na het beëindigen van zijn termijn als voorzitter. Letterlijk tegelijkertijd maakte de markt haar inschatting wel heel duidelijk. De energie-stagflatietrade stak nog een tandje bij met een zich uitdiepende risk-off en een nieuwe rente-opstoot.
De beleidsrente bleef dus op 3.50%-3.75%. Enkel gouverneur Miran, poulain van Trump, stemde voor een 25 bpn knip. In de ‘weinig relevante’ voorspellingen verhoogden Fed-gouverneurs zowel hun verwachtingen voor BBP-groei (2026: 2.4% van 2.2%, 2027: 2.3% van 2%, 2028: 2.1%, van 1.9%) als voor PCE-inflatie (respectievelijk 2.7% van 2.4%, 2.5% van 2.1% en 2% in 2028. Ondanks die opwaartse bijstelling staat de mediaanprognose nog steeds op één 25 bpn renteknip dit en volgend jaar, al nemen de stemmen voor verdere renteverlagingen af. Over de impact van de recente ontwikkelingen sprak Powell zich niet uit. Een olieprijsschok is in principe een eenmalige, hopelijk tijdelijke factor, maar de Fed houdt de impact op inflatieverwachtingen scherp in het oog. Powell wijdde nog opvallend uit over de te trage, maar nog steeds verhoopte afkoeling in goedereninflatie zodra de tarieven zijn doorgerekend. Of die overweging relevant blijft als olie boven $100/vat standhoudt, is hoogst twijfelachtig. Powell concludeerde dat als inflatie en -verwachtingen niet dalen, er geen renteverlaging komt. Een open deur. Hij zei dat hij beseft dat een geloofwaardigheidsprobleem dreigt omdat de Fed al 5 jaar haar 2%-doelstelling niet haalt. Een eufemisme.
De Amerikaanse geldmarkt schat de kans op een renteknip voor jaareinde ondertussen in op minder dan 50%. Eind februari ging ze nog uit van een cumulatieve 50 basispunten aan renteverlagingen. De 2j rente klom gisteren 10 bpn (vanmorgen nog eens 4 bpn) tot 3.8% (3.47% eind feb). Dit is ‘real time guidance’ van markten, toegegeven opgejaagd door al even ‘real-time’ ontsporende olieprijzen (Brent $115/vat). We evolueren zeer snel naar het scenario waarin de markt de reactiefunctie van centrale bankiers dicteert. De Fed heeft het geluk dat haar beleidsrente zich nog iets boven neutraal bevindt. Voor wie een soepeler beleid hanteert, wordt de druk alleen maar groter. Straks geven ECB-voorzitster Lagarde en BoE-voorzitter Bailey inzicht in hoe ze de gordiaanse knoop willen ontwarren. Ook korte termijn (2j) Europese (+7 bpn) en Britse rentes (+15 bpn!) kiezen vanmorgen opnieuw duidelijk kant.
O ja. Nog even naar het pad van Powell. Die blijft bij de Fed tot het juridisch onderzoek tegen hem is afgelopen. Hij wil/zal ook aanblijven als voorzitter als zijn opvolger Warsh niet tijdig wordt aangesteld (oppositie in de Senaat). Hij laat nog niet in zijn kaarten kijken of hij na zijn termijn als voorzitter aanblijft in het beleidscomité tot 2028. Hij zal dit doen met oog op ‘s lands belang. Over naar president Trump.
VS 2-j rente: markt is minder agnostisch dan Fed-voorzitter Powell