Japanse yen tuimelt naar 40-jarig dieptepunt
De Japanse yen zet vanmorgen een nieuw dieptepunt neer. USD/JPY trekt voorbij de top van 2024 net beneden 162. Het muntenpaar vertoeft nu in regionen laatst gezien maar liefst 40 jaar geleden. Technisch gezien ligt enkel nog een intermediaire weerstand op 164.5 in de weg voor een terugkeer naar een prominentere referentie in de buurt van 176.50 (50% USD/JPY-herstel op de daling vanaf de 1982-top in de aanloop naar de Plaza-akkoorden tot in 2011) en 177.05 (tussentijds dieptepunt van 1978).
Japanse beleidsmakers krabben zich in het haar. Ze willen liefst geen al te zwakke munt. Japan is een grote netto-invoerder van onder andere grondstoffen, niet in het minst energie, en voeding. Een depreciërende JPY vertaalt zich daardoor snel in oplopende inflatie en dus in een verlies aan koopkracht. Om een verdere verzwakking te counteren trekt het Ministerie van Financiën (MoF) de gekende trukendoos open. Het waarschuwt voor mogelijke interventies op de wisselmarkt. Maar de dreiging is hol. De laatste keer dat ze dat deed was eind april. Een maand later noteerde USD/JPY alweer aan het niveau van voor de ingreep. We zien daarvoor twee redenen. Ten eerste is het kruit van het MoF per definitie beperkt tot de dollars die Japan in reserve heeft en waarmee het de yen-stuttende aankopen doet. De voorraad is groot, maar niet oneindig. Enkel de Verenigde Staten bezitten in theorie een ongelimiteerde USD-stock. Toen de Amerikaanse NY Fed in januari banken polste naar potentiële JPY-aankopen was het schokeffect dan ook groot. Het één-tweetje met Japan deed USD/JPY destijds kelderen van +/- 160 richting 152. Maar ook hier was de impact niet blijvend. Het toont aan dat er sterkere, onderliggende marktkrachten spelen.
Dat brengt ons bij het tweede element. Interventies zijn zinloos als de munt de economische fundamenten ontbreekt. Het MoF zegt dat de zwakke yen-niveaus niet de fundamentele waarde weerspiegelen. Maar is dat zo? Een sluimerende energiecrisis versterkt de structureel hogere Japanse inflatie. Dat is niet per se een probleem voor investeerders, als de rente maar voldoende compenseert. Met 1% beleidsrente van de Bank of Japan is dat echter niet het geval. Daarnaast zorgt het expansief begrotingsbeleid bij een torenhoge schuldenberg voor aanhoudend hoge (krediet)risicopremies. Dan is er natuurlijk nog de andere kant van de vergelijking, de Amerikaanse munt. De greenback is de laatste tijd in goede doen. Al langer ondersteund door blijvend sterke economische cijfers en recent ontketend door de nieuwe Fed-baas Warsh, geeft de dollar zijn concurrenten het nakijken. Dat kan voorlopig nog zo blijven. Het maakt de taak van de Japanse beleidsmakers er uiteraard niet makkelijker op.
Voorlopig houden de Japanse autoriteiten zich gedeisd. Misschien hopen ze op de Amerikaanse economische kalender om de dollar op z’n minst te temperen. Het Amerikaanse arbeidsmarktrapport vormt op donderdag het orgelpunt. Als dat niet voor een koerswijziging in USD/JPY zorgt, zijn interventies niet uitgesloten. Vrijdag zijn de Amerikaanse markten dicht. Japan bleek in het recente verleden schietgraag op momenten van dunnere handelsvolumes.
Sterke dollar, zwakke yen lanceert USD/JPY naar 40-jarige top