Three wind turbines at sunrise
Three wind turbines at sunrise
Er liep iets mis. De pagina is tijdelijk onbeschikbaar.

Competitiviteit en klimaat zijn geen tegengestelden

Economische Opinie

Cora Vandamme
Three wind turbines at sunrise

Het wereldwijde klimaatbeleid staat de laatste jaren steeds meer onder druk. In de VS wordt het onder president Trump niet alleen afgebouwd, het wordt vaak zelfs actief tegengewerkt. De EU houdt voorlopig nog vast aan haar netto nuldoelstelling, maar verschillende klimaatprogramma’s werden de voorbije jaren wel uitgesteld of uitgehold. Als motivatie voor deze wijzigingen wordt vaak verwezen naar de negatieve competitiviteitsimpact van het klimaatbeleid. Het is zeker belangrijk om het klimaatbeleid te evalueren en bij te sturen maar we moeten opletten dat de slinger niet te ver doorslaat. Kortetermijnwinsten moeten worden afgezet tegen langetermijnrisico’s. Temeer omdat er ook een belangrijk strategisch luik verbonden is aan hernieuwbare energie. Het belang van energieonafhankelijkheid is actueel, met de inval van Rusland in Oekraïne en de oorlog in het Midden-Oosten als extreme voorbeelden. Zonder een duidelijk en standvastig klimaatbeleid zal de technologische voorsprong van China in klimaatsectoren bovendien enkel toenemen. De klimaatverandering komt er hoe dan ook en de toekomst is aan zij die concurrentievermogen en klimaatactie kunnen combineren.

Klimaatagenda onder druk

In de VS trok president Trump recent nog formeel de ‘endangerment finding’ in, de belangrijkste wetenschappelijke basis voor Amerikaanse maatregelen om broeikasgassen te reguleren en klimaatverandering tegen te gaan. De VS erkent hiermee niet langer dat koolstofdioxide en andere broeikasgassen een gevaar vormen voor de volksgezondheid en het welzijn van de bevolking. Daarnaast werd de financiering van verschillende klimaatprogramma’s en -instanties stopgezet terwijl de subsidies en belastingvoordelen voor fossiele brandstofproductie werden opgetrokken. Ook op internationaal vlak werkt de regering van Trump klimaatactie tegen, onder meer door de VS terug te trekken uit het klimaatakkoord van Parijs.

De VS mag dan een extreem voorbeeld zijn, het is lang niet het enige land waarin de klimaatagenda onder druk staat. Ook in de EU zijn er steeds meer barsten zichtbaar. Er is voorlopig nog niet geraakt aan de netto nuldoelstelling voor 2050 maar er wordt wel druk gesleuteld aan de timing en modaliteiten van allerhande klimaatinitiatieven en -regels. Zo werden de introducties van de EU ETS II (het nieuwe emissiehandelssysteem voor gebouwen en wegtransport) en de EU Deforestation Regulation met één jaar uitgesteld. Tevens werd de reikwijdte van het koolstofgrenscorrectiemechanisme (CBAM) beperkt en er zijn plannen om het verbod op de verkoop van nieuwe wagens op fossiele brandstoffen tegen 2035 af te zwakken. In juli 2026 zal de EU zich ook buigen over de toekomst van het EU ETS programma. Lobbygroepen zijn nu al druk in de weer om deze evaluatie in hun voordeel om te buigen.

Competitiviteitsoverwegingen winnen aan belang

Veel van de aanpassingen in het Europese klimaatbeleid zijn ingegeven door de vrees dat de opgelegde maatregelen de concurrentiekracht van bedrijven en de koopkracht van burgers aantasten. Deze bezorgdheid is zeker deels terecht. Klimaatopwarming is een globaal probleem dat de EU niet alleen kan oplossen. Als andere grote spelers ongebreideld blijven uitstoten zal de klimaatverandering de EU nog steeds raken en dat terwijl de EU wel de kosten van de transitie draagt. Als andere grote spelers zich terugtrekken wordt het bovendien moeilijker voor de EU om inspanningen te vragen aan de inwoners en bedrijven omdat deze zich benadeeld voelen te opzichte van die in andere landen. De EU heeft lang geprobeerd een voortrekker te zijn maar stuit nu steeds meer op weerstand binnen de eigen grenzen. Het is wel goed hier te benadrukken dat de voorstrekkersrol van de EU niet zonder gevolgen gebleven is. Deels onder invloed van de EU ETS hebben andere landen, waaronder China, gelijkaardige koolstofprijssystemen opgezet om de belasting die anders aan de EU betaald zou moet worden (deels) zelf te kunnen innen.

De EU heeft oren naar de verzuchtingen rond competitiviteit en lanceerde in januari 2025 het Competitiviteitscompas, een plan dat gebaseerd is op de aanbevelingen uit het Draghi-rapport. Het plan heeft nog steeds een decarbonisatieluik maar focust daarnaast ook op het dichten van de innovatiekloof met de belangrijkste concurrenten van de EU en op het verminderen van de afhankelijkheid van andere landen. Ook op de informele top van EU-leiders in Alden-Biesen begin 2026 stonden concurrentiekracht en de versterking van de interne markt centraal. Op 19 maart zal de Europese Commissie een concreet plan voorstellen om de ideeën die uitgewisseld werden tijdens de bijeenkomst om te zetten in actie.

Klimaatverandering als verdienmodel

Er zijn verschillende goede redenen om het klimaatprobleem op een positieve manier te benaderen en nu al de kaart van de vergroening te trekken. Het ontkennen van de klimaatopwarming doet het probleem immers niet verdwijnen en vroeg of laat zal de wereld moeten handelen, daarover zijn quasi alle wetenschappers het eens. Het loont dan ook de moeite om de industrie en huishoudens nu al voor te bereiden op deze toekomst en om een competitief voordeel te ontwikkelen in de technologieën van de komende decennia.

Een goed voorbeeld van het gevaar dat sectoren achterop geraken is de auto-industrie in de EU. Terwijl veel Europese autobouwers met de voeten bleven slepen heeft de Chinese autosector met volle overtuiging ingezet op de ontwikkeling van elektrische voertuigen, waardoor autobouwers in de EU nu de achtervolging moeten inzetten. Het uitstellen van de ban op de verkoop van nieuwe wagens op fossiele brandstoffen kan de industrie tijdelijk ondersteunen maar op langere termijn riskeer je over te blijven met een gedateerde industrieel apparaat. Bovendien straft het bedrijven af in de EU die wel inspanningen geleverd hebben om in te zetten op vergroening. Elektrische voertuigen zijn slechts één voorbeeld van de vele hernieuwbare technologieën waarin China uitblinkt. Voor fotovoltaïsche panelen, warmtepompen, windturbines en batterijen is de Chinese marktdominantie nog meer uitgesproken. Het land produceert meer dan 80% van de zonnepanelen, 60% van de windturbines en 75% van de elektrische voertuigen en hun accu's wereldwijd.

Er zijn zeker vraagtekens te zetten bij de manier waarop China deze producten vervaardigt. Zo zijn veel productieprocessen in het land bijvoorbeeld sterk vervuilend, niet in het minst door het aanhoudend gebruik van steenkool als energiebron. Daarnaast zijn er ook rapporten over schendingen van de mensenrechten in de hernieuwbare energiesector, waaronder dwangarbeid, loondiefstal en onwettige overuren. Bovendien werden de hernieuwbare sectoren de voorbije jaren sterk door de overheid gesubsidieerd, wat geleid heeft tot overproductie, artificieel lage prijzen en daardoor oneerlijke concurrentie ten opzichte van buitenlandse producten. Dit zijn terechte bemerkingen die onderzoek en eventuele actie verdienen maar die niets afdoen aan de nood om verder in te zetten op vergroening van de industrie in de EU.

Evaluaties en bijsturingen wenselijk

Dit alles wil niet zeggen dat genomen klimaatbeslissingen heilig zijn en dat er ten alle koste aan vastgehouden moet worden. Tussentijdse evaluaties van genomen maatregelen zijn niet alleen wenselijk, ze zijn absoluut noodzakelijk om scheeftrekkingen te corrigeren en ineffectieve maatregelen te identificeren. Zeker wanneer kleine ingrepen grote positieve gevolgen hebben. Een goed voorbeeld hiervan is de bijsturing van het CBAM, waarbij zowat 90% van de invoerders van CBAM-producten vrijgesteld kon worden terwijl 99% van de CBAM-emissies gedekt blijft. Het is vooral belangrijk dat aanpassingen op data worden gebaseerd en doordacht zijn. Een steeds veranderend klimaatbeleid vertroebelt immers investeringssignalen en moedigt uitstelgedrag aan. Bovendien bestraft het bedrijven en gezinnen die de inspanningen hebben geleverd die van hen werden gevraagd. Belangrijk is dat zwakke partijen worden ondersteund, denk maar aan sectoren die sterk onderhevig zijn aan buitenlandse concurrentie, landen die disproportioneel geraakt zijn en gezinnen met beperktere middelen. Voor een deel voorziet de EU hierin via het Just Transition Mechanism, dat onder andere ondersteuning en financiering biedt aan groepen die grote nadelen ondervinden van de groene transitie.

Andere strategische overwegingen

Voorbereid zijn op de economie van de toekomst is slechts één reden om te blijven inzetten op klimaatbeleid. Er zijn ook strategische overwegingen, met name de afbouw van de afhankelijkheid van de invoer van fossiele brandstoffen. De oorlogen in Oekraïne en het Midden-Oosten maken duidelijk hoe vatbaar de EU is voor verstoringen in de aanlevering en de prijs van fossiele brandstoffen. Dit heeft niet alleen gevolgen voor de inflatie maar ook voor de autonomie van de EU op het internationale toneel. Hernieuwbare energie kan helpen om deze afhankelijkheid te verminderen, op voorwaarde dat de sterke afhankelijkheid van enkele landen (waaronder China en Turkije) voor de toevoer van kritieke materialen mee wordt opgenomen in het klimaatbeleid. 

Conclusie

Klimaatactie en competitiviteit kunnen wel degelijk hand in hand gaan. Het is hierbij belangrijk dat er voldoende aandacht en ondersteuning is voor de verliezers. Het is een illusie te denken dat we kunnen ontsnappen aan de gevolgen van de klimaatopwarming. Dus kunnen we ons maar beter voorbereiden. Met de tijd neemt het aantal kapers op de kust immers toe. China heeft nu al een sterke voorsprong uitgebouwd door resoluut in te zetten op hernieuwbare energie. Door te wachten riskeren we onze eigen industrie overbodig te maken en langer vast te zitten in een afhankelijkheidsrelatie met producenten van fossiele brandstoffen die uiteindelijk overgaat naar een afhankelijkheidsrelatie van Chinese technologie. 

Disclaimer:

Alle meningen in deze KBC Economische Opinies vertegenwoordigen de persoonlijke mening van de auteur(s). Noch de mate waarin de voorgestelde scenario’s, risico’s en prognoses de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. Duurzaamheid maakt deel uit van de algemene bedrijfsstrategie van KBC Groep NV (zie https://www.kbc.com/nl/duurzaam-ondernemen.html). We houden rekening met deze strategie bij de keuze van de onderwerpen voor onze publicaties, maar een grondige analyse van de economische en financiële ontwikkelingen vereist het bespreken van een bredere waaier aan onderwerpen. Deze publicatie valt niet onder de noemer ‘onderzoek op beleggingsgebied’ zoals bedoeld in de wet- en regelgeving over de markten voor financiële instrumenten. Elke overdracht, verspreiding of reproductie, ongeacht de vorm of de middelen, van de informatie is verboden zonder de uitdrukkelijke, voorafgaande en schriftelijke toestemming van KBC Groep NV. KBC kan niet aansprakelijk worden gesteld voor de juistheid of de volledigheid ervan.

Gerelateerde publicaties

Interne onevenwichtigheden China zijn wereldwijd probleem

Interne onevenwichtigheden China zijn wereldwijd probleem

De EU-India handelsdeal: wie vaart er wel bij?

De EU-India handelsdeal: wie vaart er wel bij?

Rechtsuitspraak over tarieven: KT pijn, LT winst?

Rechtsuitspraak over tarieven: KT pijn, LT winst?

Het hoge Belgische consumentenvertrouwen gekaderd

Het hoge Belgische consumentenvertrouwen gekaderd