Economisch scenario: update mei 2026
Uit het departement: “Snelle oplossing blijft het basisscenario”
- Het principeakkoord tussen de VS en Iran zorgde voor opluchting op de energiemarkten. De olie- en aardgasprijzen daalden tot respectievelijk 78 USD per vat en 42 EUR per MWh (op maandag 22 juni). De termijnmarkten verwachten dat de prijzen tegen eind 2027 zullen dalen tot respectievelijk 73 USD per vat en 33 EUR per MWh. Dit is in lijn met ons basisscenario, waarin wordt uitgegaan van een normalisering van het scheepsverkeer door de Straat van Hormuz en van het uitblijven van nieuwe langdurige sluitingen van de Straat tijdens de voorspellingshorizon. De risico’s voor de energieprijzen blijven echter naar boven gericht, aangezien er nog veel details moeten worden uitgewerkt om tot een permanent vredesakkoord te komen.
- De inflatie in de eurozone is in mei versneld van 3,0% naar 3,2%. Deze stijging is volledig toe te schrijven aan de kerninflatie, die is gestegen van 2,2% naar 2,4%. Onderliggend namen zowel de goederen- als de diensteninflatie toe. Binnen deze laatste categorie zijn met name de transportdiensten en pakketreizen sterker gestegen. De niet-kerncomponenten waren zwakker, aangezien de energie-inflatie ongewijzigd bleef en de voedingsinflatie aanzienlijk daalde. Gezien de recente daling van de energieprijzen verlagen we onze inflatieprognoses voor 2026 en 2027 met 0,2 procentpunt tot respectievelijk 2,6% en 1,8%.
- De hogere benzineprijzen hebben de inflatie in de VS in mei opgedreven tot 4,2% (een stijging ten opzichte van 3,8% in april). Andere componenten waren zwakker dan verwacht. De voedingsprijzen stegen in een bescheiden tempo terwijl de prijzen voor kerngoederen daalden. Deze daling zou echter van tijdelijke aard kunnen zijn, gezien de versnelling van de producenten– en invoerprijzen voor kerngoederen in de afgelopen maanden. De prijzen voor diensten stegen in een bescheiden tempo, mede dankzij een daling van de autoverzekeringspremies. Gezien de daling van de olieprijzen verlagen we onze inflatieprognose voor 2026 van 3,6% naar 3,5%, terwijl we onze prognose voor 2027 op 2,7% handhaven.
- Het reële Q1 bbp-cijfer voor de eurozone werd onverwacht naar beneden bijgesteld, van een groei van 0,1% naar een krimp van 0,2% op kwartaalbasis. Deze bijstelling was grotendeels het gevolg van een sterke negatieve correctie van het Ierse bbp-groeicijfer over het eerste kwartaal. Deze correctie werd vrijwel volledig veroorzaakt door een sterke terugval in de Ierse industriële en farmaceutische sectoren, die worden gedomineerd door multinationals, zoals blijkt uit de aanhoudende positieve groei van de onderliggende binnenlandse activiteit in Ierland. Zonder Ierland zou de groei in de eurozone 0,3% op kwartaalbasis zijn geweest. De Spaanse economie blijft boven verwachting presteren, terwijl de Franse economie kromp. Duitsland liet een behoorlijke groei zien, voornamelijk dankzij (waarschijnlijk uitzonderlijk) sterke netto-uitvoer. De sentimentindicatoren voor de eurozone blijven wijzen op zwakke groei. We verlagen daarom onze groeiprognoses voor 2026 van 0,7% naar 0,3% en voor 2027 van 1,2% naar 1,0%.
- De Amerikaanse economie verkeert nog steeds in goede vorm. Hoewel de groei voor het eerste kwartaal licht naar beneden is bijgesteld, wijzen de harde cijfers op een sterke groei in het huidige kwartaal. De detailhandelsverkopen groeien aan een hoog tempo, net als de niet-residentiële investeringen. Ook de arbeidsmarkt verkeert in goede vorm: het aantal banen steeg in mei met 172.000, terwijl het werkloosheidspercentage laag bleef. Vertrouwensindicatoren wijzen eveneens op sterke groei in de komende kwartalen. Gezien deze positieve ontwikkelingen verhogen we zowel onze groeiprognoses voor 2026 als voor 2027 met 0,1 procentpunt tot respectievelijk 2,1% en 2%.
- De Chinese economie is in het tweede kwartaal waarschijnlijk vertraagd, gezien de zwakke cijfers over de detailhandel en de investeringen in april en mei. Waarschijnlijk zal de uitvoer nog voor enige compensatie zorgen. We verlagen onze prognose voor de gemiddelde bbp-groei in 2026 van 4,7% naar 4,6%, terwijl we het cijfer voor 2027 ongewijzigd laten op 4,1%.
- De energieschok vormt een uitdaging voor centrale banken. De ECB reageerde hierop door haar beleidsrente in juni met 25 basispunten te verhogen. Gezien de recente dalingen van de olie- en gasprijzen verwachten we dat deze renteverhoging een eenmalige maatregel zal zijn. De risico’s neigen echter naar de opwaartse kant. Mocht het geweld in het Midden-Oosten weer oplaaien, dan zijn verdere renteverhogingen waarschijnlijk. In tegenstelling tot de ECB heeft de Fed dit jaar nog geen renteverhoging doorgevoerd. Omwille van de sterke economische groei en de inflatie die boven de doelstelling ligt, verwachten we één renteverhoging te zien in het volgende kwartaal.