We moeten meer dan ooit bezig zijn met wat er op ons bord komt

Economische Opinie

De coronacrisis heeft meer dan ooit aangetoond dat de klimaatuitdaging dringend moet worden aangepakt, en ook de hervorming van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) laat op zich wachten. De landbouw is zeker niet de enige verantwoordelijke voor de uitstoot van broeikasgassen. Maar met het GLB heeft de EU een uitstekend instrument in handen om die klimaatuitdaging aan te gaan. Het zal bepalend zijn voor het behalen van onze doelstelling om klimaatneutraal te zijn, voor wat er in de toekomst op ons bord zal liggen en natuurlijk voor het leven van onze landbouwers, die in het kader van deze noodzakelijke hervorming meer dan ooit zullen moeten worden ondersteund.

Vier kernprincipes

De hervorming van het GLB, die moet leiden tot een vereenvoudiging voor de toekomst, is een hele onderneming, maar voorlopig lijkt ze niet verder te geraken dan eindeloos durende, ingewikkelde discussies tussen de Europese Commissie, de Raad en het Europees Parlement. De inwerkingtreding was oorspronkelijk gepland voor 2021, maar is uitgesteld tot 2023.

Het toekomstige GLB krijgt dus langzaam maar zeker vorm, met het aanscherpen van een aantal principes. Zo wil de Europese Commissie de lidstaten een gemeenschappelijk Europees kader voorstellen met doelstellingen en indicatoren die moeten worden bereikt. De lidstaten van hun kant worden dan verantwoordelijk om  hun eigen behoeften te bepalen, hun doelstellingen in cijfers uit te drukken en gerichte maatregelen te nemen om die te bereiken. Door de keuzes over de toepassing van het GLB grotendeels aan de lidstaten over te laten, kunnen die het beleid aanpassen aan de lokale context. Dat is het eerste belangrijke principe van deze hervorming en een kans die we niet mogen laten liggen.

Het tweede kernprincipe is dat van de ecoregelingen, namelijk dat een deel van de steun (20 tot 30% van de totale rechtstreekse betalingen) die aan de landbouwers wordt toegekend, verplicht zal worden gekoppeld aan milieuprogramma's. In diezelfde geest wil het Europees Parlement met het derde principe bereiken dat ten minste 35% van het budget voor plattelandsontwikkeling van de betrokken landen wordt besteed aan milieu- en klimaatgerelateerde maatregelen.
Het vierde principe moet de kleinere landbouwbedrijven beschermen en bestaat erin de jaarlijkse rechtstreekse betalingen aan landbouwers van meer dan 60.000 euro geleidelijk te verlagen en sowieso te beperken tot 100.000 euro.

Alle lichten op groen

De Commissie, de Raad en het Parlement moeten het wel nog eens raken, maar de kernprincipes van deze hervorming zijn vastgelegd en hebben een uitgesproken groen tintje. Dat past, ondanks de vermindering van de budgetten na het vertrek van Groot-Brittannië, in de eerste plaats in het kader van de doelstelling om te voldoen aan de Green Deal-vereisten van de Europese Commissie. En dat engagement van de Europese Commissie om haar Green Deal-doelstellingen te halen, is ongetwijfeld de hoeksteen van dit beleid, dat 34,5% van de Europese begroting vertegenwoordigt. Dat verklaart het belang en de ambitieuze doelstellingen van het GLB: biologische landbouw op 30% van alle landbouwgrond en een daling van het gebruik van pesticiden met 50% tegen 2030.

Het zijn zulke hervormingen die bepalen wat er morgen op ons bord ligt. Maar het is duidelijk dat, gezien de uitdaging, niet alles op de schouders van de Europese landbouwers kan terechtkomen. De hele maatschappij zal haar steentje moeten bijdragen en de consument speelt daarin een sleutelrol. De Commissie spreekt niet voor niets van een boer-tot-bordstrategie.

Een duurzame versnelling in Wallonië

Ook al is de landbouw maar verantwoordelijk voor 10% van de uitstoot van broeikasgassen in Wallonië, toch hebben ze er niet gewacht op de nieuwe versie van het GLB om zichzelf in vraag te stellen en de weg naar een duurzamere landbouw in te slaan.

En het is duidelijk dat dit proces onder impuls van de EU zal moeten worden versneld, met name met het nieuwe systeem van ecoregelingen, dat goede landbouwpraktijken aanmoedigt die de opwarming van de aarde tegengaan en de biodiversiteit in stand houden.

Onze landbouwers zullen hun structuur en hun activiteiten verder moeten aanpassen om op hun eigen niveau bij te dragen aan de collectieve inspanning om de klimaatuitdaging aan te gaan, een uitdaging waarmee onze hele samenleving wordt geconfronteerd.

Om een transitie in de voedingsmiddelenketen te verzekeren, is een nauwe samenwerking tussen alle betrokken partijen essentieel. Want ook kredietinstellingen, onderwijs, belangengroepen, sociale organisaties, enz. spelen een fundamentele rol in die transitie. Net zoals de overheid een belangrijke rol te vervullen heeft door financiële steun te verlenen en door het belang van een sterke landbouwstructuur, die garant staat voor voedselonafhankelijkheid, duidelijk te erkennen. En als consument kunnen wij onze verantwoordelijkheid opnemen door meer lokaal te consumeren en voedselverspilling tegen te gaan.

De grote lijnen van het nieuwe GLB zijn dus uitgetekend, maar het is aan ons om het nog groener en dus efficiënter te maken en aan onze landbouwers de nodige steun, kennis en knowhow te verlenen om hun bedrijfsvoering aan te passen en nog milieuvriendelijker te maken.

Disclaimer:

Alle meningen in deze KBC Economische Opinies vertegenwoordigen de persoonlijke mening van de auteur(s). Noch de mate waarin de voorgestelde scenario’s, risico’s en prognoses de marktverwachtingen weerspiegelen, noch de mate waarin zij in de realiteit zullen tot uiting komen, kunnen worden gewaarborgd. De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief. Ze mogen niet worden beschouwd als beleggingsadvies. Duurzaamheid maakt deel uit van de algemene bedrijfsstrategie van KBC Groep NV (zie https://www.kbc.com/nl/duurzaam-ondernemen.html). We houden rekening met deze strategie bij de keuze van de onderwerpen voor onze publicaties, maar een grondige analyse van de economische en financiële ontwikkelingen vereist het bespreken van een bredere waaier aan onderwerpen. Deze publicatie valt niet onder de noemer ‘onderzoek op beleggingsgebied’ zoals bedoeld in de wet- en regelgeving over de markten voor financiële instrumenten. Elke overdracht, verspreiding of reproductie, ongeacht de vorm of de middelen, van de informatie is verboden zonder de uitdrukkelijke, voorafgaande en schriftelijke toestemming van KBC Groep NV. KBC kan niet aansprakelijk worden gesteld voor de juistheid of de volledigheid ervan.

Gerelateerde publicaties

De cashflowbarometers voor de Vlaamse intensieve veehouderij - Q3 2023

De cashflowbarometers voor de Vlaamse intensieve veehouderij - Q3 2023

De cashflowbarometers voor de Vlaamse intensieve veehouderij - Q2 2023

De cashflowbarometers voor de Vlaamse intensieve veehouderij - Q2 2023

Voedingsprijzen stijgen minder sterk, maar risico’s loeren om de hoek

Voedingsprijzen stijgen minder sterk, maar risico’s loeren om de hoek

De cashflowbarometers voor de Vlaamse intensieve veehouderij - Q1 2023

De cashflowbarometers voor de Vlaamse intensieve veehouderij - Q1 2023